Niets is zo fascinerend, zo prachtig om te zien en zo spannend in deze hobby, als het kweken van discussen. Elke hobbyist zal hier wel eens de neiging toe voelen. Als je de jongen wilt opkweken moet je wel rekening houden met niet alleen heel wat werk…maar ook veel plaats!

Veel hobbyisten hebben hiervoor niet de tijd of zien er gewoon tegen op om dit te doen en beginnen er dus helemaal niet aan. Als je het toch eens wilt proberen, is één van de belangrijkste dingen een goed bij elkaar passend koppel. De beste manier om dit te krijgen is om de vissen zelf elkaar te laten kiezen uit een groep van discussen.

Zo heb je ook het meeste kans op slagen. Als je een koppel hebt, moet je eerst en vooral zorgen dat je vissen in een goede conditie verkeren. Als je hen dan samen in een kweekbak zet met water van een lagere microsiemens (uitgedrukt in µS/cm om volledig te zijn), dan zullen ze al vlug overgaan tot het afleggen van eieren. Eerst beginnen ze een stuk van de kegel of een andere oppervlakte te poetsen. Dit kan enkele uren, zelfs een dag of meerdere dagen.

Daarna gaan ze over tot het afzetten. Het vrouwtje legt een rij eieren en het mannetje gaat achter haar aan en bevrucht de eieren. Je moet er natuurlijk voor zorgen dat er op dat ogenblik niet te veel stroming in het water is, anders kan de bevruchting slechts ten dele gebeuren.

Als het water op een temperatuur is tussen 28 en 30°C, dan zullen de eieren na ongeveer 60 uren uitkomen. De ouders nemen dan de pas uitgekomen larven en plaatsen ze op een andere plek die ze vooraf hebben zuiver gemaakt. Daar blijven de jongen vastplakken tot de dooier is opgebruikt. Na ongeveer twee dagen beginnen de eerste jongen vrij te zwemmen.

De ouders zullen in het begin nog proberen om de jongen telkens terug te plaatsen, maar ze zullen het al vlug moeten opgeven. Nu is het belangrijkste om te zorgen dat de jongen op de zijkant van de ouders komen om van het slijm op de huid te eten. Als dit gelukt is, kan men na enkele dagen beginnen met het bijvoeren van pas uitgekomen artemia. Hiervoor moet dus ook vooraf een kweek worden opgezet. Zelf gaf ik vanaf de eerste dag van het vrij zwemmen al artemia nauplii: eerst heel voorzichtig en slechts in geringe mate en in de onmiddellijke nabijheid van het ouderdier; nadien meer en meer.

Na enkele weken kunnen de jongen naar een apart aquarium overgebracht worden. Ze moeten meermaals per dag gevoerd worden, minimum 8 tot 10 maal. Het verversen van het water is ook een belangrijk punt voor een goede ontwikkeling. De verversingen moeten wel heel voorzichtig gebeuren want de jongen zijn zeer gevoelig aan schommelingen in de watersamenstelling. Vanaf de derde week beginnen we te verversen met iets harder water omdat het de jongen niet aan bouwstoffen voor hun skelet mag ontbreken. Bij een goede verzorging zullen de jongen snel groeien.

Naamgeving

De Latijnse benaming van de discus is Symphysodon aequifasciatus. De oorspronkelijke discus, de wildvang, is onderverdeeld in:

  1. Symphysodon Heckel,
  2. Symphysodon aequifasciatus, Pellegrin, (deze soort heeft nog 3 onderverdelingen)
  3. Symphysodon aequifasciatus axelrodi, Schultz, (de bruine discus)
  4. Symphysodon aequifasciatus aequifasciata, Pellegrin, (de groene discus)
  5. Symphysodon aequifasciatus haraldi, Schultz, (de blauwe discus)

Dit is de onderverdeling zoals ze tot over enkele jaren gekend was. In de afgelopen jaren is er een nieuwe onderverdeling waarvan men denkt dat ze juister is maar is zuiver gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek en op basis van DNA volgens een wiskundige analyse, nl:

– de Symphysodon aequifasciatus,

– de Heckel discus (Symphysodon discus),

– de nieuwe soort Symphysodon tarzoo.

Behalve deze wildvang soorten bestaan er nog een heel scala aan hybride variëteiten.

Discus houden in het kort

Discus houden is een fascinerende hobby. Je woning wordt opgesmukt met een prachtige onderwaterwereld, die ontspannend werkt en die fascinerend is voor alle leeftijden. Zelfs een baby zal als gehypnotiseerd kijken naar de bewegingen van de kleurrijke vissen.

De discus herkent zijn verzorger en zal reageren op wat deze doet. Dit onderscheidt de discus van andere tropische vissen die alleen maar eten, zwemmen en zich verstoppen. Als je goed oplet, kan je zien dat de discussen zelfs mee volgen wat er in hun omgeving gebeurt.

Een discus is zich namelijk zeer goed bewust van wat er buiten zijn aquarium gebeurt. Als hij zijn verzorger ziet aankomen, zal hij naar hem/haar toe zwemmen. Je kan hen zelfs leren om uit je hand te eten. Deze interactie tussen de vissen en hun verzorgers maakt dat men de discus meer als een echt huisdier gaat zien dan bv. een neontetra of een ander visje. De hobby is dan ook zeer verslavend.

Ook in zijn eetgedrag verschilt de discus van de meeste andere vissen. Hoewel de jonge visjes eten als wolven, zal de volwassen discus een heel ander gedrag vertonen. Hij neemt zijn tijd om te eten en beweegt zich gracieus en rustig door het aquarium, terwijl hij in de bodem blaast op zoek naar voedsel.

Discussen vertonen als ouders ook een heel ander gedrag dan andere vissen. De beide ouders zorgen voor het nest.